Onroerendezaakbelasting
Beschrijving van de service
Hier vind je informatie over de volgende onroerendezaakbelastingen
- Onroerendezaakbelasting
- Verwerkingskosten voor afval
- Straatreiniging
Wettelijke basis
Onroerendezaakbelasting
De bevoegdheid van de gemeenten om onroerendgoedbelasting te heffen, de zogenaamde belastingsoevereiniteit, is gebaseerd op de wet gemeentelijke belastingen (KAG) en de wet onroerendgoedbelasting (GrStG).
Eigendomsbelasting is een eigendoms- of materiële belasting. Het voorwerp van de belasting is onroerend goed zoals gedefinieerd in de wet op de waardebepaling (BewG). De grondslag voor de belasting zijn de geschatte eenheidswaarden.
Er wordt een onderscheid gemaakt tussen onroerendgoedbelasting
- Onroerendgoedbelasting A (voor land- en bosbouwbedrijven),
- Onroerendezaakbelasting B (voor andere ontwikkelde en niet-ontwikkelde eigendommen).
De onroerendezaakbelasting wordt berekend op basis van het belastingaanslagbedrag dat is vastgesteld door het belastingkantoor en is opgenomen in het aanslagbiljet voor de onroerendezaakbelasting. Het aanslagbiljet voor de onroerendezaakbelasting van het belastingkantoor bepaalt ook wie de onroerendezaakbelasting aan de gemeente verschuldigd is. De gemeente is gebonden aan de bevindingen van het belastingkantoor en moet de gemeentelijke aanslag voor de onroerendezaakbelasting hierop baseren, zelfs als de aanslag voor de onroerendezaakbelasting nog niet onbetwistbaar is geworden.
Bezwaren gericht tegen de belastingschuld in het algemeen of tegen het aanslagbedrag van de onroerendezaakbelasting kunnen daarom alleen worden ingediend bij het belastingkantoor dat het aanslagbiljet voor de onroerendezaakbelasting heeft afgegeven.
De gemeente vermenigvuldigt het aanslagbedrag met het gemeentelijke aanslagpercentage; het resultaat is de belasting die je moet betalen. Het aanslagpercentage wordt jaarlijks vastgesteld in de begrotingsverordening.
Onroerendezaakbelasting wordt geheven door middel van een schriftelijke kennisgeving. In de regel is een kwart van het bedrag verschuldigd op 15 februari, 15 mei, 15 augustus en 15 november. Op verzoek kan de onroerendgoedbelasting in één keer worden betaald op 1 juli.
Verwerkingskosten voor afval
De bevoegdheid van de gemeenten om afvalverwijderingsbijdragen te heffen is gebaseerd op de Gemeentewet (GO), de Wet gemeentelijke belastingen (KAG) en de lokale afvalverwijderingsstatuten.
In overeenstemming met de wettelijke bepalingen bestaat de verwijderingsbijdrage uit een containerbijdrage en een persoonlijke bijdrage.
De tarieven voor de vergoedingen zijn wettelijk vastgesteld. De verwijderingsbijdragen worden schriftelijk vastgesteld en zijn over het algemeen verschuldigd in kwartaaltermijnen op 15 februari, 15 mei, 15 augustus en 15 november.
Straatreiniging
De bevoegdheid van de gemeenten om straatreinigingsheffingen op te leggen is gebaseerd op de Gemeentewet (GO), de Wegenwet (LStrG), de Wet gemeentelijke belastingen (KAG) en de lokale straatreinigingsstatuten.
De gemeente is verantwoordelijk voor het schoonmaken van openbare wegen binnen de bebouwde kom, met inbegrip van doorgaande wegen. De gemeente kan de eigenaars of bewoners van de eigendommen die aan de straat grenzen en de eigendommen die door de straat worden ontsloten, geheel of gedeeltelijk laten betalen voor de kosten die zij maakt voor het schoonmaken van de straat door middel van verordeningen.
De gemeente is bevoegd om bij verordening de reinigingsplicht geheel of gedeeltelijk op te leggen aan bovengenoemde personen, voor zover dit gelet op de verkeerssituatie redelijk is. De soort, omvang en geografische reikwijdte van de straatreiniging moeten in de verordening worden geregeld.
De tarieven voor de vergoedingen staan in de statuten.
De straatreinigingskosten worden schriftelijk vastgesteld en zijn over het algemeen verschuldigd in driemaandelijkse termijnen op 15 februari, 15 mei, 15 augustus en 15 november.
- Statuten afvalstoffenheffing
Afvaltarief
- Statuten voor straatreiniging
Statuten voor straatreiniging
